‘Heel goed dat bewoners meepraten over een warmtenet met Power-To-Heat voor Sommelsdijk en Middelharnis’

Aangepast:

Dat we aardgas vaarwel gaan zeggen is zeker. Maar wat komt ervoor in de plaats? Met andere woorden: hoe verwarmen we in de toekomst onze woningen en andere gebouwen op een duurzame manier? Een van de mogelijkheden is een warmtenet op basis van Power-to-Heat. Onderzoeken zijn gaande om te kijken of dit toepasbaar is in Middelharnis en Sommelsdijk. Bewoners praten en denken mee in een klankbordgroep. Een van de leden van die klankbordgroep is John Ravenshorst uit Sommelsdijk. 

“Een jaar of twee terug was ik in het gemeentehuis voor een brainstormsessie. Daarbij ging het om alternatieven voor het aardgas. Een idee dat naar voren kwam, is geothermie: woningen verwarmen via diepe aardwarmte. Dat bleek algauw niet mogelijk op Goeree-Overflakkee,“ blikt John terug op de sessie. 

Lid klankbordgroep P2H John Ravenshorst

Overproductie

“Daarna kwam het warmtenet in beeld. Stadsverwarming, die draait op restwarmte van de industrie, is bekend, bijvoorbeeld in Rotterdam. Maar hier op Flakkee hebben we geen industrie met restwarmte. Wel hebben we windmolens en zonneparken. Die leveren energie voor 45.000 woningen, terwijl we op ons eiland niet meer dan 25.000 woningen hebben. Er is dus overproductie, en die zouden we goed kunnen gebruiken voor een warmtenet.”

Bij Power-to-Heat draait het om het omzetten van lokaal opgewekte duurzame energie in warmte. De opwarming gebeurt met e-boilers en warmtepompen en wordt opgeslagen in een buffervat. Via ondergrondse leidingen naar de woningen profiteren de bewoners van de warmte. Op Goeree-Overflakkee ontstond enthousiasme over Power-to-Heat. Een projectgroep van de gemeente en partners als Oost West Wonen en Deltawind ging aan de slag met een verdiepend onderzoek in Sommelsdijk en Middelharnis. Is Power-to-Heat haalbaar, betaalbaar en betrouwbaar?

Water of zand 

Er kwam ook een klankbordgroep. “De groep bestaat uit mensen die interesse hebben in de energietransitie, ook wel vanuit een technische achtergrond”, zegt John, die in zijn werkzame leven als projectmanager bezig was met het plaatsen van windmolenparken op zee.

Hij deed een bijzondere vondst. “Je kunt watertanks gebruiken bij Power-to-Heat, maar in zandtanks kun je verwarmen tot 700 graden Celsius. Daardoor is het mogelijk om warmte langer op te slaan en dus een grotere voorraad aan te leggen, zonder dat je energie hoeft toe te voegen. Een dorp in Finland met 5000 bewoners wordt al op deze manier verwarmd. We hebben contact gelegd met dat dorp en informatie uitgewisseld”, zegt John. 

Gedragen 

“De klankbordgroep denkt mee. Niet alleen op technisch gebied, maar ook als het om sociale en maatschappelijke aspecten gaat. Het is goed dat bewoners inzicht hebben en houden, en niet in één keer geconfronteerd worden met een nieuwe manier van verwarmen. Dit heeft veel impact. Daarom moet het gedragen zijn door de bewoners.”

En daarom, vervolgt John, vraagt de klankbordgroep aandacht voor bijvoorbeeld het overschakelen op elektrisch koken. Naast belangrijke aspecten als de betaalbaarheid en de contracten die bewoners kunnen afsluiten als ze warmte willen afnemen via het warmtenet. “Er wordt serieus geluisterd naar de klankbordgroep. Daar ben ik dankbaar voor. Ook weet ik zeker dat de projectgroep Power-to-Heat belangrijke informatie en vragen van inwoners zou missen als er geen klankbordgroep zou zijn.”

Onafwendbaar 

“Uit het eerste verkennende onderzoek blijkt dat Power-to-Heat interessant kan zijn, ook qua kosten en rendement. Het ziet er veelbelovend uit. Nu volgt een verdiepend onderzoek. Daarin komt bijvoorbeeld aan bod welke tank het beste zou zijn, een watertank of een zandtank.”

“Het valt me wel op dat deze ontwikkelingen niet bij alle inwoners leven”, besluit John. Daarom wil hij graag de volgende boodschap kwijt: “Besef dat de overgang van aardgas naar een ander manier van verwarmen onafwendbaar is. Iets definitiefs.”